Waarom serieuze wijnliefhebbers niet zonder klimaatkast – correctie: EuroCave – zouden moeten willen.
Pluk de dag, mensen. Mijn EuroCave is mijn wijnserveerkast en mijn wijnserveerkast draait helemaal om instant drinkplezier. Hij is gevuld met mijn favoriete druivenrassen – mijn top-5 is riesling, cabernet sauvignon, chenin blanc, chardonnay en syrah – maar hij bevat ook meer obscure wijnen, van nerello mascalese tot savagnin en agiorgitiko tot marmajuelo. Het fijne van een veelzijdige collectie is dat je jezelf altijd kunt verrassen. Dat is voor mij de essentie van mijn wijnserveerkast. Heb je de ruimte, zou ik dan ook voor een EuroCave kiezen met zoveel mogelijk capaciteit. Ik heb zelf een Pure-L met plek voor bijna 200 flessen. Mijn enige discipline is om de klimaatkast altijd goed gevuld te houden. Rood bovenin en wit onderin.
Want het fijne van een EuroCave klimaatkast is niet alleen dat het de wijnen beschermd tegen de invloed van UV, trillingen en temperatuurschommelingen maar ook dat het uiteenlopende wijnen bewaart op de ideale schenktemperatuur. Helemaal boven in de kast gebeurt dat op 18 graden, helemaal onderin op 8 graden. En alle temperatuurvariaties daartussen. Barolo, xinomavro en sagrantino di Montefalco liggen bovenin, gevolgd door Haut-Médoc, Ribera del Duero, Rioja en andere wijnen met tannine. Dan volgen de pinot noirs, frühburgunders, Crus de Beaujolais en de rode wijnen uit de Nieuwe Wereld. Witte Bordeaux, Chenin blanc, witte Bourgogne (en evenknieën uit Tasmanië en Adelaide Hills), en Grosses Gewächs riesling en silvaners liggen steeds lager, en helemaal onderin tref je mijn collectie champagne aan en andere mousserende wijnen.
Waar ik zin in heb, trek ik uit de EuroCave, meteen op de juiste temperatuur. En dat is ook meteen de enige overweging die ik heb als ik mijn wijnserveerkast weer aanvul: dat ik de nieuwe voorraad op de juiste hoogte in de EuroCave leg, zodat ik een fles niet eerst nog moet koelen als ik er eentje uithaal.
Naast de EuroCave klimaatkast heb ik thuis ook een wijnkelder die geklimatiseerd wordt door een EuroCave INOA. Wat daar allemaal in ligt? Het eerlijke antwoord is dat ik het niet precies weet. Sorry, ik behoor niet tot het type dat barcodes op de flessen plakt en de database bijwerkt telkens als er een fles is uitgehaald. Mijn kelder is in vergelijking daarmee een (georganiseerde) chaos. Over het algemeen liggen de wijnen wel gesorteerd per land, en ook de zoete wijnen en versterkte wijnen liggen bij elkaar. Maar regelmatig kom ik een ‘vergeten’ fles tegen die ik jarenlang over het hoofd heb gezien. En die soms niet meer drinkbaar is maar heel vaak verrassend mooi ontwikkeld.
Over de jaren heen heb ik het assortiment wijnen dat de oversteek maakt van mijn ‘opslag’ naar mijn thuiskelder parallel aan mijn ontwikkelende smaakvoorkeur zien veranderen. Tien jaar geleden was dat aanzienlijk meer rood, tegenwoordig veel meer mousserend en wit. Ja, ik ben zonder pretentieus te zijn een echte champagne-freak geworden.
En ook – dat zal ook wel met de leeftijd te maken hebben, denk ik – migreren steeds vaker wat ik beschouw als mijn topwijnen naar de thuiskelder. Grands Crus Classés uit 2005, 1982 en mijn geboortejaar 1962, prestige cuvées, rieslings uit de jaren veertig en vijftig, gerijpte vintage ports en oude Tokaji Aszú Essencia – ze liggen tegenwoordig allemaal in mijn klimaatkast. Was ik daar ooit vooral heel zuinig op, ingegeven door mijn opvoeding, drink ik ze inmiddels zonder schroom. Het enige dat nodig is, is het juiste gezelschap.
Carpe diem, mensen, pluk de dag!

